Vier meiden op een bankje. En allemaal op hun telefoon.

Vanmorgen liep ik met mijn hond door het park.

Het is een route die ik vaker loop. Naast het park staat een middelbare school en wanneer de leerlingen pauze hebben, kom ik daar regelmatig langs.

Er staat een bankje.

En dat bankje is eigenlijk altijd bezet.

Vandaag zaten er vier meiden naast elkaar.

Vier pubers, dicht bij elkaar op een bankje. Maar tegelijkertijd leken ze allemaal ergens anders te zijn.

Alle vier hadden ze hun mobiele telefoon voor hun neus.

Geen gesprek.

Geen oogcontact.

Geen gelach.

Geen beetje dollen met elkaar.

Alle vier waren ze met hun aandacht bij hun eigen scherm.

Ik was daar met mijn hond en haar bal en bleef een tijdje in het park staan. Niet omdat ik bewust naar de meiden stond te kijken, maar omdat ik met mijn hond aan het spelen was.

En hoe langer ik daar stond, hoe meer het beeld me raakte.

Want ik dacht terug aan mijn eigen middelbare schooltijd, inmiddels zo’n dertig jaar geleden.

Ik weet nog hoe heerlijk ik het vond om in de pauze met mijn vriendinnen te kletsen. Over van alles en eigenlijk ook over helemaal niets. Een beetje lachen. Een beetje plagen. Verhalen vertellen. Samen ergens om gieren.

Gewoon… samen zijn.

En ineens stond ik daar met mijn hond en keek ik naar een heel ander beeld.

Wanneer telefoons tussen kinderen in komen te staan

Natuurlijk weet ik dat één moment niets zegt over een hele generatie.

Misschien hadden deze meiden elkaar vijf minuten daarvoor nog uitgebreid gesproken. Misschien hadden ze net een toets achter de rug en waren ze even aan het bijkomen. Misschien zaten ze gewoon naast elkaar omdat ze het prettig vonden om samen stil te zijn.

Dat kan allemaal.

Maar toch bleef het beeld bij mij hangen.

Omdat het me deed nadenken over iets wat ik steeds belangrijker vind worden:

Hoe leren kinderen eigenlijk verbinding maken met elkaar wanneer hun telefoon voortdurend om hun aandacht vraagt?

Een telefoon is natuurlijk niet alleen maar een probleem.

Mobiele telefoons zijn onderdeel geworden van het dagelijks leven. Ze helpen jongeren contact te houden met vrienden, informatie te vinden, zichzelf te vermaken en deel uit te maken van hun sociale wereld.

Maar een scherm vraagt óók iets van ons.

Onze aandacht.

En aandacht is precies wat nodig is voor verbinding.

Verbinding vraagt aandacht

Echte verbinding ontstaat niet alleen wanneer je samen in dezelfde ruimte bent.

Je kunt naast iemand zitten en toch heel ver weg zijn.

Verbinding zit in kleine dingen.

In iemand aankijken wanneer diegene iets vertelt.

In aanvoelen dat een vriendin ergens mee zit.

In samen lachen om iets wat eigenlijk helemaal niet grappig is.

In een stil moment waarin je gewoon naast elkaar zit.

In een gesprek dat ineens een onverwachte kant op gaat.

In de vraag:

“Hoe was jouw dag?”

En vervolgens niet na tien seconden alweer naar je eigen scherm kijken.

Dat zijn allemaal vaardigheden die kinderen en jongeren ontwikkelen door ze te doen.

Niet door er alleen over te praten.

Sociale vaardigheden leer je in contact

Als coach voor meiden zie ik hoe belangrijk sociale verbinding kan zijn.

Voor gevoelige meiden kan contact met leeftijdsgenoten soms extra ingewikkeld zijn. Ze kunnen veel oppikken uit een groep, zich sterk bewust zijn van wat anderen denken, snel overprikkeld raken of lang blijven nadenken over een gesprek.

Juist dan is het belangrijk dat een kind mogelijkheden krijgt om te oefenen met contact.

Met luisteren.

Met vertellen.

Met grenzen aangeven.

Met een gesprek beginnen.

Met een grapje maken.

Met een meningsverschil.

Met stiltes.

Met merken dat een vriendin verdrietig is.

Met ontdekken: wat bedoelt iemand eigenlijk?

Dat leer je niet alleen uit een appje.

Je leert het vooral in het echte contact met andere mensen.

En daar maak ik me soms zorgen over

Niet omdat ik vind dat kinderen hun telefoon helemaal niet zouden mogen gebruiken.

Ook niet omdat vroeger alles beter was. Dat is het natuurlijk niet.

Maar omdat ik me afvraag of we soms onderschatten hoeveel oefening kinderen nodig hebben in het echte, ongefilterde contact met elkaar.

Online contact is vaak sneller.

Je kunt een bericht sturen wanneer het jou uitkomt.

Je kunt een gesprek beëindigen door je telefoon weg te leggen.

Je kunt een bericht opnieuw typen.

Je kunt soms zelfs voorkomen dat iemand ziet hoe je reageert.

Een echt gesprek werkt anders.

Daar zit je tegenover elkaar.

Je ziet een gezicht.

Je hoort een stem.

Je merkt een stilte.

Je ziet dat iemand twijfelt.

Je merkt dat een grap verkeerd valt.

En soms moet je daar dan iets mee.

Dat kan ongemakkelijk zijn.

Maar juist dáár leren kinderen zoveel.

Wat mij betreft gaat het dus niet om “telefoon of geen telefoon”

De vraag die ik interessanter vind, is:

Welke plek krijgt de telefoon in het leven van onze kinderen?

Is de telefoon een hulpmiddel?

Een manier om contact te onderhouden?

Een vorm van ontspanning?

Of is hij inmiddels zo vanzelfsprekend aanwezig dat hij ook momenten van echte verbinding begint over te nemen?

Want als vier meiden samen op een bankje zitten en alle vier met hun aandacht ergens anders zijn, ontstaat er natuurlijk ook minder ruimte voor alles wat spontaan kan ontstaan.

Het gesprek dat begint met:

“Heb jij die toets geleerd?”

En eindigt met:

“Weet je nog wat we vorige zomer deden?”

Of met een enorme lachbui om iets totaal onbenulligs.

Je weet vooraf nooit waar zo’n gesprek naartoe gaat.

En juist dat onverwachte is onderdeel van verbinding.

Wat kunnen we hier als ouders mee?

Ik denk dat we als ouders hierin meer invloed hebben dan we soms denken.

Niet door voortdurend te zeggen:

“Leg die telefoon weg!”

Maar vooral door thuis te laten zien hoe belangrijk echte aandacht is.

Kijk elkaar aan

Als je kind iets vertelt, probeer dan niet ondertussen je eigen telefoon te bekijken.

Je hoeft niet altijd alles neer te leggen.

Maar wanneer je echt even beschikbaar bent, laat dat dan ook merken.

Een kind voelt het verschil tussen:

“Vertel maar, ik luister.”

en

“Ja hoor, vertel maar even terwijl ik ondertussen mijn berichten lees.”

Maak telefoonvrije momenten normaal

Bijvoorbeeld tijdens het eten.

Of wanneer je samen een wandeling maakt.

Of tijdens een spelletje.

Niet als straf.

Maar omdat je samen iets doet waarvoor je aandacht bij elkaar wilt houden.

Praat met je kind over telefoongebruik

Niet alleen over schermtijd.

Maar over wat een telefoon met je aandacht doet.

Vraag eens:

“Merk jij dat je minder praat als iedereen zijn telefoon erbij heeft?”

Of:

“Hoe vind jij het eigenlijk als iemand steeds op zijn telefoon kijkt terwijl jij iets vertelt?”

Dat kunnen verrassend mooie gesprekken opleveren.

En kijk vooral ook naar jezelf

Want kinderen kijken niet alleen naar wat wij zeggen.

Ze kijken naar wat wij doen.

Als wij tijdens het eten voortdurend onze telefoon pakken, tijdens een gesprek even snel onze mail bekijken en tijdens een film ondertussen door onze berichten scrollen, geven we ook een boodschap af:

Dit apparaat mag altijd aanspraak maken op mijn aandacht.

En misschien is dat wel een van de belangrijkste dingen die we onze kinderen kunnen leren:

Je hoeft niet altijd bereikbaar te zijn.

Een kind heeft ook het recht om zich te vervelen

Misschien is dit nog wel een lastige.

Wanneer een kind ergens wacht, in de auto zit, in een wachtkamer zit of even niets te doen heeft, is de telefoon een ontzettend makkelijke oplossing.

Maar verveling kan ruimte geven.

Ruimte om om je heen te kijken.

Om na te denken.

Om een gesprek te beginnen.

Om een fantasie te bedenken.

Om gewoon even niets te doen.

En soms begint verbinding juist op zo’n moment waarop niemand iets te doen heeft.

Geef kinderen de kans om elkaar weer echt te ontmoeten

Ik denk niet dat we de mobiele telefoon uit het leven van onze kinderen kunnen of moeten verwijderen.

Maar we kunnen wél bewuste plekken creëren waar hij even niet meedoet.

Thuis.

Tijdens het eten.

In de auto.

Tijdens een wandeling.

Wanneer er bezoek is.

Of misschien zelfs gewoon wanneer vriendinnen bij elkaar zijn.

Niet om kinderen iets af te pakken.

Maar om iets anders ruimte te geven:

aandacht.

Want aandacht is de voedingsbodem voor verbinding.

En verbinding is iets wat kinderen hun hele leven nodig hebben.

Terug naar dat bankje

Toen ik uiteindelijk verder liep met mijn hond, moest ik nog steeds aan die vier meiden denken.

Misschien hadden ze het prima naar hun zin.

Misschien waren ze gewoon samen stil.

Misschien was er niets aan de hand.

Maar voor mij werd het een beeld dat iets blootlegde waar ik me als ouder én als coach zorgen over maak.

Niet de telefoon zelf.

Maar het risico dat we vergeten hoe waardevol het is om naast iemand te zitten en werkelijk aanwezig te zijn.

Om te kletsen.

Te lachen.

Te dollen.

Een beetje ongemakkelijk te zijn.

Een beetje te botsen.

En vervolgens weer verder te gaan.

Want sociale verbinding is geen app die je kunt downloaden.

Je moet haar ervaren.

En kinderen leren dat niet alleen van hun leeftijdsgenoten.

Ze leren het ook van ons.

Dus misschien is het soms helemaal niet zo gek om die telefoon gewoon even weg te leggen.

En elkaar weer eens echt aan te kijken.

Dat is misschien wel het mooiste voorbeeld dat we onze kinderen kunnen geven.

Meer lezen over vriendschappen en groepsdruk? Lees dan ook de blog ‘Groepsdruk bij pubermeiden‘ en ‘Moeite met vriendinnen maken, zo help je jouw dochter’.

 

Luister je liever dan je leest?
Beluister de podcast van De Meidencoach, speciaal voor ouders van gevoelige meiden.