Waarom kan jouw dochter in een drukke klas ineens niets meer horen van wat de juf zegt? Waarom kan een kriebelend labeltje in haar shirt haar zo bezighouden? En waarom lijkt ze thuis na een drukke dag pas echt te ontploffen?
Het kan allemaal te maken hebben met haar prikkelfilter.
Dat klinkt ingewikkeld, maar eigenlijk is het een heel handig systeem.
Ik leg het je uit in gewone-mensentaal. Zonder ingewikkelde termen. 😉
Wat is een prikkelfilter?
Stel je voor dat jouw dochter de hele dag door een enorme hoeveelheid informatie binnenkrijgt.
Ze ziet dingen.
Ze hoort dingen.
Voelt haar kleding op haar huid.
Ze ruikt de geur van eten.
Ze voelt haar lichaam.
Merkt dat iemand naar haar kijkt.
Ze hoort iemand lachen.
Ze denkt ondertussen aan haar toets van morgen.
En misschien is ze ook nog bezig met wat er tijdens de pauze gebeurde.
Allemaal prikkels.
Je hersenen moeten daar de hele dag iets mee.
Daarom kun je het prikkelfilter zien als een soort portier bij de ingang van een gebouw.
Niet iedere prikkel hoeft namelijk evenveel aandacht te krijgen.
Een goed werkend filtersysteem helpt je brein om te bepalen:
Dit is belangrijk. Hier moet ik iets mee.
En:
Dit is op dit moment niet zo belangrijk. Dit mag naar de achtergrond.
Sensorische prikkelverwerking gaat onder andere over het registreren van prikkels en het kunnen negeren van prikkels die niet relevant zijn voor wat je op dat moment doet.
Een voorbeeld uit de klas
Stel: jouw dochter zit in de klas. De juf legt een rekensom uit.
Op dat moment zijn er ontzettend veel andere dingen die ook gebeuren.
Een kind wiebelt op zijn stoel.
Iemand fluistert.
Er rijdt buiten een auto langs.
De tl-verlichting zoemt.
Er wordt ergens een potlood op de grond gegooid.
Een meisje achter haar ruikt naar een sterke shampoo.
En ondertussen voelt ze het labeltje in haar shirt.
Voor de meeste kinderen verdwijnen veel van die dingen redelijk naar de achtergrond.
De juf krijgt de meeste aandacht.
Maar bij sommige kinderen komen veel van die andere prikkels ook nadrukkelijk binnen.
Het brein moet dan veel meer informatie verwerken.
En dat kost energie.
Je kunt het vergelijken met een radio
Misschien herken je dit.
Je zet de radio aan terwijl je in de keuken bezig bent. Je hoort de muziek, maar ondertussen ben je ook met je ontbijt bezig. Je merkt nauwelijks dat er buiten een auto voorbijrijdt. En je let al helemaal niet bewust op het geluid van de koelkast.
Je brein heeft als het ware besloten:
Niet belangrijk. Lekker op de achtergrond.
Maar stel dat iemand ineens heel hard jouw naam roept.
Dan gebeurt er iets anders.
Hé!
Daar gaat je aandacht naartoe.
Je brein heeft razendsnel bepaald:
Dit is belangrijk. Hier moet ik iets mee.
Dat is eigenlijk wat een prikkelfilter helpt doen.
Wat gebeurt er als er veel prikkels binnenkomen?
Wanneer veel prikkels tegelijk aandacht vragen, kan het steeds moeilijker worden om onderscheid te maken tussen wat belangrijk is en wat naar de achtergrond mag.
Je kunt het vergelijken met een zeef. Bij een fijne zeef blijft vooral over wat je nodig hebt. Maar als er ineens veel te veel doorheen wordt gegooid, raakt die zeef als het ware verstopt. Dan kost het steeds meer moeite om de informatie te verwerken.
Bij kinderen die gevoelig zijn voor prikkels kan dat bijvoorbeeld zichtbaar worden als:
- sneller boos worden;
- huilen om iets kleins;
- zich terugtrekken;
- drukker worden;
- moeilijk kunnen luisteren;
- snel afgeleid zijn;
- niet meer goed kunnen nadenken;
- ineens niets meer willen;
- hoofdpijn of vermoeidheid ervaren;
- thuis volledig instorten na school.
Prikkelgevoeligheid kan zich bij ieder kind anders uiten. Sommige kinderen worden juist stil en trekken zich terug, terwijl andere kinderen drukker of emotioneler worden.
En dan komt de bekende zin: “Maar ze kan het thuis wel!”
Dit hoor ik regelmatig.
Op school lijkt een kind bijvoorbeeld prima mee te kunnen doen.
Ze luistert.
Ze werkt.
En doet wat er van haar gevraagd wordt.
Maar zodra ze thuiskomt…
Boem.
Tas in de hoek.
Boos.
Huilen.
Nergens zin in.
Misschien zelfs een flinke uitbarsting.
Dan kan het lijken alsof ze zich thuis “misdraagt”.
Maar soms is het juist andersom.
Thuis hoeft haar brein even niet meer zo hard te werken.
De hele dag heeft ze haar aandacht gericht, prikkels verwerkt, zich aangepast en geprobeerd mee te komen.
Thuis laat ze los.
Dat betekent niet dat je het gedrag maar moet accepteren.
Maar het kan wel helpen om te begrijpen waarom juist thuis het emmertje kan overlopen.
Een prikkelfilter is niet de hele dag hetzelfde
En dit is misschien wel één van de belangrijkste dingen om te weten.
Het prikkelfilter van je kind staat niet iedere dag precies hetzelfde.
Een kind kan op maandag prima tegen drukte kunnen.
En op dinsdag al na tien minuten genoeg hebben.
Hoe komt dat?
Omdat prikkelverwerking niet alleen afhankelijk is van de prikkel zelf.
Ook de toestand van je kind speelt mee.
Heeft ze goed geslapen?
Heeft ze gegeten?
Is ze ziek?
Heeft ze stress?
Was er een spannende gebeurtenis?
Heeft ze al een drukke dag achter de rug?
Heeft ze veel emoties gehad?
Heeft ze tussendoor kunnen ontspannen?
Allemaal dingen die invloed kunnen hebben op hoeveel prikkels ze op dat moment aankan.
Daarom kan hetzelfde geluid de ene dag prima te doen zijn en de andere dag ineens ontzettend irritant.
Het gaat dus niet alleen om “te veel prikkels”
Sommige kinderen hebben juist meer prikkels nodig.
Dat klinkt misschien vreemd als je vooral denkt aan overprikkeling.
Maar prikkelverwerking kan verschillende kanten op.
Een kind kan bijvoorbeeld juist behoefte hebben aan beweging, geluid, aanraking of andere zintuiglijke input om goed wakker en alert te blijven.
Denk aan een kind dat voortdurend wiebelt, beweegt, aan spullen zit of extra uitdaging zoekt.
Ook dat kan iets vertellen over hoe haar brein prikkels verwerkt. Kinderen kunnen namelijk zowel overgevoelig als ondergevoelig reageren op zintuiglijke informatie.
Daarom is “minder prikkels” niet automatisch de oplossing voor ieder kind.
Soms heeft een kind juist de juiste prikkels nodig.
Kun je een prikkelfilter trainen?
Ik zou het liever anders formuleren.
Je hoeft je kind niet te leren om alles maar te verdragen.
Het doel is niet:
“Je moet gewoon leren omgaan met drukte.”
Het doel is veel meer:
“We gaan ontdekken hoe jouw prikkelverwerking werkt en wat jij nodig hebt.”
Misschien helpt het om eerder pauze te nemen.
Misschien heeft je dochter na school behoefte aan een rustig kwartiertje.
Misschien ontspant ze juist van muziek.
Of misschien wil ze even alleen zijn.
Wellicht heeft ze behoefte aan bewegen.
Of werkt een koptelefoon goed wanneer er veel achtergrondgeluid is.
Wellicht is juist een warme douche, dekentje of rustige televisie haar manier om te ontladen.
En misschien werkt iets bij haar totaal anders dan bij een ander kind.
Dat is helemaal niet gek.
Hoe kun je jouw dochter helpen?
Je hoeft niet meteen haar hele leven prikkelvrij te maken.
Begin eens met observeren.
1. Kijk wanneer haar emmertje volloopt
Wanneer gaat het mis?
Na school?
Na een verjaardag?
Na een drukke sporttraining?
Na veel sociale contacten?
Of juist na een rustige dag?
2. Kijk wat eraan voorafging
Was ze moe?
Had ze honger?
Was er spanning?
Heeft ze slecht geslapen?
Of waren er gewoon heel veel prikkels?
3. Kijk naar haar gedrag
Wordt ze druk?
Boos?
Verdrietig?
Stil?
Trekt ze zich terug?
Gaat ze juist meer bewegen?
Gedrag is vaak informatie. Net als dat lichaamssignalen meer kunnen vertellen, in deze blog vertel ik je daar meer over.
4. Kijk ook naar wat helpt
Wat gebeurt er als ze even alleen is?
Helpt bewegen?
Muziek?
Een rustige plek?
Een warme douche?
Kabbeltv?
(ik heb een blog geschreven waarin ik uitleg waarom beeldschermen juist wel helpend kunnen zijn om te ontprikkelen)
Een koptelefoon?
Knuffelen?
Buiten zijn?
Je hoeft niet meteen het perfecte antwoord te hebben.
Je bent eigenlijk samen met je kind haar persoonlijke gebruiksaanwijzing aan het ontdekken.
En misschien is dat wel de belangrijkste boodschap
Een prikkelfilter is geen knop die je simpelweg aan of uit kunt zetten.
En jouw kind is ook niet “lastig” omdat ze sommige prikkels moeilijk kan negeren.
Haar brein is voortdurend bezig met informatie uit de omgeving en uit haar eigen lichaam te verwerken.
Bij sommige kinderen komt bepaalde informatie sterker binnen of vraagt die meer verwerking. Bij hoogsensitiviteit wordt bijvoorbeeld juist gesproken over verhoogde gevoeligheid en diepere verwerking van prikkels.
Dat betekent niet dat je dochter beschermd moet worden tegen de hele wereld.
Ze moet immers ook leren leven in een wereld waarin geluiden, mensen, drukte en onverwachte gebeurtenissen bestaan.
Maar ze mag wel leren:
Wat gebeurt er bij mij?
Wanneer wordt het te veel?
Welke prikkels helpen mij juist?
En wat kan ik doen om weer in balans te komen?
Dat is iets anders dan leren om maar alles te verdragen.
Het is leren jezelf steeds beter begrijpen.
Een kind hoeft niet minder gevoelig te worden
Dat is ook precies hoe ik er in mijn praktijk naar kijk.
Ik wil niet dat een meisje leert dat haar gevoeligheid lastig is.
Ik wil haar helpen begrijpen hoe haar eigen systeem werkt.
Want hoe beter je dochter zichzelf begrijpt, hoe makkelijker het wordt om aan te geven wat ze nodig heeft.
En hoe beter jij als ouder haar signalen leert herkennen, hoe makkelijker je haar soms dat kleine steuntje in de rug kunt geven.
Niet om alle prikkels voor haar weg te nemen.
Maar om haar te helpen ontdekken:
“Dit ben ik. Zo werkt mijn prikkelfilter. En dit heb ik nodig om me goed te voelen.”
En misschien is dat uiteindelijk wel veel waardevoller dan proberen haar prikkelfilter steeds kleiner te maken. We maken, indien passend bij de hulpvraag, een Prikkel & Emotieplan, die zelf gedurende haar leven er altijd weer bij kan pakken en opnieuw kan aanpassen en aanvullen.
Gun jij jouw dochter ook een tool voor het leven om te leren omgaan met haar prikkelverwerking? Neem dan vooral even een kijkje bij mijn aanbod 4-6 jaar, 7-12 jaar en 12-18 jaar.
Of wil je eerst even sparren? Dat kan ook! Stuur mij gerust een berichtje.
Luister je liever dan je leest?
Beluister de podcast van De Meidencoach, speciaal voor ouders van gevoelige meiden.
